Читать книгу «De graaf de Lhorailles» онлайн полностью📖 — Густава Эмара — MyBook.
image

Gustave Aimard

De graaf de Lhorailles


Gepubliceerd door Good Press, 2022

goodpress@okpublishing.info

EAN 4064066404833

Inhoudsopgave

I.

FERIA DE PLATA.

II.

DON SYLVA DE TORRES.

III.

TWEE OUDE KENNISSEN VAN DEN LEZER.

IV.

DE GRAAF MAXIMA GAËTAN DE LHORAILLES.

V.

DE DAUPH’YEERS.

VI.

DOOR HET VENSTER.

VII.

EEN TWEEGEVECHT.

VIII.

HET VERTREK.

IX.

DE LEGERSCHANS IN DE WILDERNIS.

X.

VOOR DEN AANVAL.

XI.

DE MEXICAANSCHE MAAN.

XII.

VROUWENLIST.

XIII.

EEN WEDLOOP BIJ NACHT.

XIV.

EEN INDIAANSCHE LIST.

XV.

SCHERP TEGEN SCHERP.

XVI.

DE CASA GRANDE DE MONTECUZOMA.

XVII.

DE MESTIES.

XVIII.

EEN STAP ACHTERWAARTS.

XIX.

IN DE PRAIRIE.

XX.

IN DEN ZADEL.

XXI.

DE BEKENTENIS.

XXII.

EEN MENSCHENJACHT.

XXIII.

DE APACHEN.

XXIV.

DE WOUDLOOPERS.

XXV.

EL AHUEHUELT.

[Inhoud]

DE GRAAF DE LHORAILLES
I.
FERIA DE PLATA.

Inhoudsopgave

Reeds sedert de eerste dagen der ontdekking van Amerika, werden zijne afgelegene kusten het toevluchtsoord en de verzamelplaats voor avonturiers van allerlei soort, wier ontembare geest, warsch van de boeien der oude Europeesche beschaving, elders een goed heenkomen zocht.

Eenigen van hen vroegen der Nieuwe Wereld vrijheid van geweten, en het recht om God te dienen naar eigen keus en overtuiging; anderen verwisselden den degen met den moordenaarsdolk, om gansche volken te verdelgen ter wille van hun goed en zich te verrijken met den bloedigen roof; nog anderen eindelijk, onrustige gemoederen met leeuwenharten en ijzeren lichamen, die geen teugel of wet eerbiedigden en het woord vrijheid met het woord losbandigheid verwarden, vormden schier zonder het zelf te weten, dat geduchte bondgenootschap der zoogenaamde »Broeders van de Kust,” dat het machtige Spanje een oogenblik voor zijne overzeesche bezittingen deed beven en waarmede zelfs Lodewijk de Veertiende, de zonne-koning, zich niet ontzag verdragen te sluiten.

De afstammelingen dezer buitengewone menschen bestaan nog altijd in Amerika, en zoo vaak eene mislukte omwenteling, na een kortstondigen strijd, de woelgeesten, die de volksbeweging plotseling uit de diepte deed voortkomen, aan deze stranden werpt scharen zij zich instinctmatig rondom de naneven der eerste avonturiers, op hoop van, even als zij, buitengewone daden te doen.

Om redenen die de bescheiden lezer wel zal weten te waardeeren, hebben wij met opzet de namen der personen veranderd, die in dit zonderling drama de voornaamste rollen speelden, ofschoon wij overigens de historische feiten met de meeste nauwkeurigheid zullen wedergeven.

Het is nu omtrent twintig jaar geleden, dat de ontdekking der rijke goudmijnen in Californië plotseling den prikkel der hebzucht in het hart van alle gelukzoekers deed ontwaken en verscheidene jonge, schrandere, voortvarende menschen vaderland en familie deed verlaten, om zich vol geestdrift en gouden droomen, te begeven naar het nieuwe Eldorado, dat hun van de andere zijde des oceaans zoo verleidelijk toelachte, doch waar de meeste hunner helaas! niets dan ellende vonden, of den dood na het doorstaan van tallooze jammeren en ontberingen.

De weg van Europa naar Californië is lang. Vele gelukzoekers bleven halverwege terug, sommigen te Valparaiso, anderen te Callao, nog anderen te Mazatlan of te San Blas; de meesten echter bereikten San Francisco.

Het ligt te ver buiten ons tegenwoordig bestek, om de trouwens van elders bekende bijzonderheden te vermelden der velerlei teleurstelling en tegenspoed, die de ongelukkige emigranten trof van het eerste oogenblik af, dat zij den voet zetten in dit veelbelovende luilekkerland, waar zij zich verbeeld hadden dat zij slechts behoefden te bukken om er het goud, zoo als men zegt, met volle handen op te grabbelen.

Het is te Guaymas zes maanden na de ontdekking der goudmijnen, dat wij den lezer verzoeken ons te volgen.

Mexico is ontegenzeggelijk het schoonste land van de wereld, alle klimaten zijn er als het ware broederlijk vereenigd. In uitgestrektheid heeft het inderdaad bijna geene grenzen, daar het niet minder dan 575,080 vierkante mijlen oppervlakte beslaat.

Jammer slechts dat de bevolking in verhouding tot de grootte van het land uiterst gering is en niet meer dan 7,200,000 zielen bedraagt, van welke ongeveer 5,000,000 tot de Indiaansche rassen of kleurlingen behooren.

Intusschen is Mexico een bondgenootschappelijke republiek, althans het heeft er den naam van, ofschoon er inderdaad geen andere macht bestaat dan die van het zwaard.

De eerste der zeven aan den Atlantischen Oceaan gelegen staten is Sonora. Deze staat strekt zich uit van het noorden naar het zuiden, tusschen de Rio Gila en de Rio Mayo; ten oosten scheidt de Sierra-Verde het van den staat Chihua-hua en ten westen wordt het bespoeld door de Vermiljoen-zee, of de zee van Cortez, zooals de meeste Spaansche landkaarten haar nog altoos blijven noemen.

De staat Sonora is een der rijkste van Mexico uithoofde van zijne talrijke goudmijnen, waarmede de bodem als het ware dooraderd is; gelukkiger- of ongelukkigerwijs, al naar het oogpunt waaruit men de zaak beschouwen wil, wordt de Sonora gestadig door talrijke Indiaansche volksstammen doorkruist, tegen welke de inwoners zich onophoudelijk moeten wapenen; ook hebben de gedurige oorlogen met deze woeste horden, de onrust en doodsverachting die daarvan het gevolg zijn, en de gewoonte om bij de minste aanleiding menschen-bloed te vergieten, aan het karakter der Sonoreezen een stempel van fierheid en voortvarendheid gegeven, die reeds dadelijk in hunne edele en stoutmoedige houding zichtbaar is en hen geheel van de inwoners der andere staten onderscheidt.

Ondanks zijn uitgestrekt grondgebied en de lange reeks zijner kusten, bezit Mexico slechts twee eigenlijk gezegd bruikbare havens aan de Stille Zuidzee.

Die twee havens zijn Guaymas en Acapulco.

De overige zijn inderdaad slechts buitenhavens of opene reeden, waar de zeevaarders ongaarne eene schuilplaats zoeken, inzonderheid wanneer de geduchte cordonazo uit het zuidwesten buldert en de golf van Californië onstuimig in beweging zet.

Wij zullen hier alleen van Guaymas spreken.

De stad van dien naam, eerst sedert weinige jaren aan den mond der rivier San José gebouwd, schijnt geroepen om eerlang een der voornaamste havens aan de Stille Zuidzee te worden.

De krijgskundige ligging van Guaymas is uitmuntend.

Tot ons leedwezen moeten wij zeggen dat deze havenplaats, al draagt zij reeds den trotschen naam van stad, nog niets meer is dan eene ellendige buurt zonder kerk en zonder herberg, in den goeden zin namelijk, want het ontbreekt er helaas niet aan kroegen, die er integendeel—en dat is licht te begrijpen, zoo dicht bij Francisco,—in menigte voorkomen.

Guaymas heeft een treurig aanzien; men voelt er bij iederen stap, dat ondanks alle de pogingen der Europeanen en avonturiers om de bevolking te galvaniseeren, de Spaansche dwinglandij, die haar gedurende drie eeuwen heeft onderdrukt, haar zoo al niet geheel verlamd, dan toch in een staat van zedelijke gezonkenheid en geesteloosheid heeft gebracht, waaruit zij zich eerst na verloop van jaren zal kunnen verheffen.

Op den dag waarmede onze historie begint, ofschoon tegen twee ure na den middag, terwijl de zon hare brandende stralen loodrecht op de stad liet vallen, het uur wanneer de bevolking, overstelpt door de hitte, gewoon is zich in de huizen op te sluiten en aan den slaap over te geven, bood Guaymas een zoo levendig schouwspel, dat een vreemdeling die bij geval hare poorten binnentrad, zich verbeeld zou hebben een der duizend pronunciamento’s of omwentelingen te zullen bijwonen, die van jaar tot jaar dit ongelukkige land verontrusten.

Dit was echter geenszins het geval.

Het militaire bewind, vertegenwoordigd door den generaal San Benito, gouverneur van Guaymas, was of scheen althans met het hoofdbestuur op den besten voet en met den gang der zaken tevreden.

De smokkelaars, leperos, en kaailoopers, waren het onderling tamelijk goed eens, en klaagden niet bijzonder over de regeering.

Vanwaar dan de buitengewone opschudding in de stad?

Welke drangreden was machtig genoeg om de anders zoo trage bevolking te doen ontwaken en haar de gewone siesta te doen vergeten?

Sedert drie dagen was de stad ten prooi aan de goudkoorts.

De gouverneur had, op dringend aanzoek van eenige aanzienlijke bankiers, verlof gegeven tot het houden eener feria de plata, of zoogenaamde geldkermis, gedurende vijf dagen.

In de voornaamste huizen werden door aanzienlijke personen ten gevalle van het publiek hazard-spelen gehouden.

In Mexico geschiedt alles anders dan ergens elders en gaan de zaken tegen den gewonen regel. De inwoners in dat land denken aan geen voorleden, dat zij liefst willen vergeten, gelooven aan geen toekomst, daar zij niets van verwachten, en leven in den roes van het tegenwoordige, met de koortsachtige drift van een volk, dat zijn einde voelt naderen en met het volle besef dat het zoo niet lang meer duren kan.

De Mexicanen staan onder de heerschappij van twee sterk sprekende neigingen: het spel en de liefde.

Wij zeggen met opzet neigingen en niet hartstochten, want de Mexicaan kent ze niet die geweldige drijfveeren der ziel die al onze vermogens in werking roepen, den wil beheerschen en het gansche menschelijke samenstel beroeren door de macht eener onweerstaanbare drift tot handelen, hetzij goed of kwaad.

Rondom de monté-tafels hadden zich talrijke groepen verzameld en was ieder druk in de weer.

Intusschen ging alles met eene orde en bedaardheid die zich door niets scheen te laten verstoren en de tegenwoordigheid der openbare macht overbodig maakte, zoodat er geen enkele politie-agent op de straat was om de rust te bewaren of op den geregelden gang van het spel toezicht te houden.

Ongeveer in het midden der calle de la Merced, een der voornaamste straten van Guaymas stond, tegenover een fraai huis, eene langwerpige met een groen kleed bedekte tafel, beladen met stapeltjes goudstukken, en daarachter een man van omtrent dertig jaar, sluw en geslepen van uitzicht, die met een spel kaarten in de hand en een vroolijken lach om de lippen, in uitlokkende bewoordingen de talrijke toeschouwers op de dringendste wijs uitnoodigde om hun fortuin te beproeven.

»Komaan, caballeros,” riep hij op zoetsappigen toon en met een uitdagenden blik op de ellendelingen, die in hunne schitterende maar gescheurde plunjes hem in fiere, bijna onverschillige houding aangaapten, »ik kan immers niet altijd winnen, de kans moet keeren, daar ben ik zeker van; ziet hier heb ik honderd oncen; wie moet er mede gaan strijken?”

Hij zweeg.

Niemand die antwoord gaf.

»’t Is een mooie som, caballeros, honderd oncen; daarmede kan de leelijkste man de schoonste der schoonen overhalen. Kijk maar! wie moet ze van mij winnen?”

»Bah!” riep een der leperos met een verachtelijken grijns. »’t Wil wat zeggen, honderd oncen? Als gij mijn laatsten piaster niet afgewonnen hadt, Tio-Lucas, zou ik hem tegen u opzetten.”

»Het spijt mij in mijn ziel, señor Cuchares,” hernam de bankhouder met eene eerbiedige buiging, »dat het geluk u niet gediend heeft; het zou mij aangenaam zijn, als gij mij de vrijheid wildet geven u een ons te leenen.”

На этой странице вы можете прочитать онлайн книгу «De graaf de Lhorailles», автора Густава Эмара. Данная книга относится к жанрам: «Историческая литература», «Исторические приключения».. Книга «De graaf de Lhorailles» была издана в 2022 году. Приятного чтения!